Paddenstoelen in het Bentwoud

In de jaren tachtig van de vorige eeuw ontstond het plan om van een weidegebied In Zuid Holland een groot bos te maken. Bossen zijn hier te weinig, was het idee. Het oorspronkelijke plan was een bos van 1300 ha. Onder meer door geldgebrek gingen heel wat jaren voorbij tot de uiteindelijk uitvoering. In 2016 was het klaar. Het werd iets kleiner, maar het is met 800 ha toch het grootste aaneengesloten bosgebied in de Randstand. Het ligt tussen Hazerswoude, Zoetermeer en Boskoop.

In het Bentwoud

Wij – Marianne, Erik en ik – reden er via Zoeterwoude-Dorp naar toe. We zouden eigenlijk libellen gaan fotograferen, maar daarvoor was het weer niet gunstig. Harde wind en mogelijk felle regenbuien, was de verwachting. We hadden geluk. De laatste regenbui viel op de heenweg en het begon weer te regenen toen we op de parkeerplaats stonden voor de terugreis.

Ik was er nog nooit geweest en in eerste instantie vond ik het gebied met de lange rechte fietspaden en sloten en de wel erg jonge bomen er niet echt aantrekkelijk uitzien. De aanwezigheid van vrij veel water maakt het wel weer interessant.  Het is niet een puur natuurgebied maar meer een recreatiegebied met natuurwaarden, ingericht voor wandelaars, (al of niet electrische) fietsen, joggers en honden. Door de slechte weersverwachting zaten de recreanten vooral thuis.

Die ochtend stond er een harde wind. Veel bijzondere vogels zagen we niet, maar de buizerds en de torenvalken die we zagen, werden verlicht door het voortdurend veranderende licht van de prachtige herfstluchten. Erik maakte van die roofvogels prachtige foto’s met zijn telelens. Ik had de mijne helaas thuis gelaten uit zorg om het slechte weer, dat niet kwam. Ook zagen we naast de gebruikelijke mezen en roodborstjes af en toe een groepje puttertjes vliegen.

Het hoofdonderwerp van de ochtend – paddenstoelen –  vloog niet door lucht. Zo hard was de wind ook weer niet. Het bos bleek een mooie vindplaats voor allerlei paddenstoelen te zijn. Wij vonden ze niet alleen op de mooie wandelpaden door het bos en maar ook naast de wat grotere doorgaande wegen en fietspaden.

Met name zagen we heel veel inktzwammen, vooral geschubde inktzwammen in allerlei stadia: vanaf de witte ronde kokervormige paddenstoelen op een korte steel, via de typische klokvormige hoed op een lange steel naar het eindstadium, een verschrompelde grotendeels zwarte hoed op een vrij dunne steel.

 

Ik ben nog niet van plan een paddenstoelenspecialist te worden. Dus van de meeste andere paddenstoelen en paddenstoeltjes ken ik de namen niet. Ik weet alleen dat ik ze mooi vind om te fotograferen. Hierbij een paar plaatjes. Het is interessant dat hier zoveel paddenstoelen waren. Een paar dagen eerder was ik bij het Huis te Warmont gaan kijken, maar daar was bijna nog niets te zien. Ook in de bossen bij Westenschouwen in Zeeland waren er nauwelijks paddenstoelen deze week.

schubbige bundelzwam

 

Informatie op Internet:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Bentwoud

https://www.staatsbosbeheer.nl/Natuurgebieden/bentwoud

____

Strengen en Tengnagel op hun mooist

Niet alleen vogels

Arthur Staal en Lex Haemers (Tengnagel)

Goed initiatief van Arthur Staal en Lex Haemers. Zij stonden al vlakbij de fietsenstalling van de Strengen toen ik eraan kwam rijden. Het was bedekt weer maar niet koud. Ik maakte kennis met Lex, die over een ongelooflijk brede en diepe kennis van de natuur in dit gebiedje bleek te beschikken. We liepen een stukje het pad langs de Zijl met het grote hoefblad en gingen ergens het struikgewas in en lieten ons allerlei bijzonders over planten, paddenstoelen en galwespen vertellen. Hij wees ons onder meer op moerasorchis, wilde bertram en koraalzwam.

Midden in het bos stond een schitterende kroontjesknotszwam. We beloofden de locatie met niemand te delen. Langs een pad aan de Oostzijde van de Strengen stonden tientallen paddenstoelen die met de houtsnippers schijnen te zijn meegekomen: hazenpootjes, verwant aan de inktzwam. Het gesprek ging over veel meer dan vogels, bijvoorbeeld over de problemen met de springbalsemien, over jongeren die vuren stoken, over lage waterstanden en botulisme.

Mooie Tengnagel

Tengnagel na de herinrichting

Met een omweg kwamen we tenslotte op de Tengnagel. Het is spannend wat hier na de herinrichting – met name het graven van de  plasjes – gebeurt en staat te gebeuren. Geen verrassing maar altijd leuk waren de vele witte kwikstaarten die in de regel op de grens van land en water opereren. Gele kwikstaarten waren er niet en ook tapuiten leken weggetrokken te zijn.

Grote Canadezen

Brandganzen, grote Canadezen, krakeenden, kuifeendjes, futen, aalscholvers, meerkoeten en waterhoentjes waren er zoals altijd.

Toen we een oeverlopertje dachten te zien, bleek het toch een strandloper te zijn. We noemden hem eerst een krombekstrandloper maar bij nader inzien was het een juveniele bonte strandloper. Zelf ben ik niet zo’n soortenjager en het kan mij ook niet zo veel schelen. Het was een mooi vogeltje, hoe het ook heette.

Strandloper

Leuk waren een paar puttertjes op het einde van de Tengnagel. Hierna liepen we langs het strand – er waren sportieve zwemmers actief in het ijskoude water! – voorbij de plek waar de ijsvogelnesten waren naar het nieuw ontwikkelde gebied van de Strengen, waar een aantal plasjes zijn gegraven en waar het riet inmiddels behoorlijk hoog staat.

Goede ontwikkeling

Mijn scepsis over deze natuurontwikkeling neemt wel geleidelijk af, nu ik zie hoe de zaak zich ontwikkelt. De troosteloze vlakte wordt geleidelijk toch een mooi natuurgebied. Alleen het rare vogelkijkscherm staat er wat verloren bij. Daar is echt minder te zien dan op andere plekken. We keken naar plantjes, paddenstoelen en vogels. Af en toe liet de Cetti-zanger zich met zijn korte luidruchtige liedje horen. Eén keer zagen we hem tussen het riet wegvliegen.

Plotseling verscheen er een prachtige roofvogel. Nee, het is geen valk: mooie afgeronde vleugels en een lange staart, een sperwer. We liepen een stukje door en komen dan bij de ‘bak’. Volgens Lex heet dit stukje water vlakbij de molen zo. Ik ken het maar al te goed van mijn krooneenden en ijsvogels.  We hebben geluk. Toen kwam er een ijsvogel laag over het water aanvliegen. Hij ging maar heel even zitten, maar toen stond hij toch op de foto bij mij. Maar alsof dit niet genoeg is, kwam er een paar minuten later een grote  bruine gedrongen reiger over.

Het was een roerdomp. Daar had ik er nog nooit een gezien, maar nu zagen we hem van dichtbij. Hij maakte nog één rondje bij ons in de buurt en dan verdween hij richting Boterhuispolder. We maakten onze wandeling over de Strengen af en zagen nog een mooie gehakkelde Aurelia. Het pad langs het broekbos aan de Zijl blijft een van de mooiste stukjes van dit piepkleine natuurgebiedje. Ter hoogte van het nestkastje zeiden we tegen elkaar: daar zat de grauwe vliegenvanger een paar zomers lang. Misschien de komende zomer weer.

Vergelijk dit verslag (en de foto's) met het verslag uit april van dit jaar: https://blog2.rdeman.nl/naar-de-strengen-een-vogelmiddag/ 
Het gebied heeft zich echt positief ontwikkeld.

Ook Arthur Staal heeft op zijn website aandacht aan deze excursie geschonken, zie https://www.arthurstaal.com/index.php/strengenhoorn/25-strandlopertje-maar-welke.

_________

Hondhaving

Honden in de natuur

Tja, natuur en honden gaan niet altijd goed samen. De trouwe viervoeters verstoren vogelnesten en jagen allerlei dieren de stuipen op het lijf. Veel natuurgebieden zijn daarom verboden voor honden, soms alleen in de broedtijd, soms het hele jaar. Elke natuurliefhebber weet dat zich niet alle honden, dat wil zeggen hun baasjes, zich daaraan houden. Hier drie anekdotes.

Ja, ik weet dat het hier niet mag

Ik loop voor de zoveelste maal het wandelingetje door het stiltegebied van Koudenhoorn langs het water van de ijsvogels, een rondje door de rietvelden en dan weer terug langs de ijsvogels. Er staan daar twee bankjes opgesteld, waar ik soms meer dan het uur over het water zit te turen en tegelijk mijn taalcursussen doe en Whatsapp controleer op mijn telefoon. Op de terugweg zit er op het eerste bankje een man en er ligt een hond naast hem.

Ik: Mag ik u iets vragen?

Baasje: Gaat uw gang.

Ik: Weet u dat het hier in het stiltegebied van Koudenhoorn verboden is voor honden? Het is hier namelijk een natuurgebied waarvoor strikte regels gelden. Honden mogen op andere stukken wel, niet hier.

Baasje: Ja dat weet ik. Maar mijn hond doet helemaal niets. Hij verstoort echt de natuur niet.

Ik: Sorry, dat denkt u misschien maar veel dieren zien dit anders. Een hond is hier altijd een verstoring.

Baasje: [kijkt strak voor zich uit en zegt niets]

Ik: Dus als ik het goed begrijp lapt u de regels gewoon aan uw laars. Maar die regels gelden ook voor u. Zou u niet ergens anders naar toe kunnen gaan?

Baasje: Dat klopt, maar ik blijf gewoon hier.

Ik loop weg en zeg nog een paar dingen die ik beter niet had kunnen zeggen en die ik niet gezegd had als daar een gevaarlijke hond had gelegen.

Eigenlijk is dit geen echt leuk verhaal. Leuker is de volgende anekdote.

Ik heb die hond geleend

Iets eerder dit jaar liep ik een rondje over de Strengen. De Strengen heeft sinds een paar maanden wel een heel complex honden-regime. Sommige gebieden streng verboden, sommige volledig toegestaan, sommige toegestaan voor aangelijnde honden.

Ik loop over het pad voor aangelijnde honden en kom een man en een vrouw mét hond tegen: niet aangelijnd. Het gesprek ging als volgt.

Ik: Mag ik u iets vragen?

Baasje: jazeker, waar gaat het om?

Ik: Wist u dat alle honden in dit gedeelte van de Strengen aangelijnd moeten zijn? Anders mag u hier met honden niet komen.

Baasje: ja, dat is ons geloof ik wel bekend, maar we laten hem toch maar lekker loslopen.

Ik: betekent dit dat u de regels gewoon negeert en doet waar u zin in heeft? Dit is een natuurgebied waar u zich wél aan de regels dient te houden.

Baasje: Tja, dat is misschien wel zo, maar hier ligt het wel anders. Deze hond is namelijk helemaal niet van ons! We hebben hem van vrienden geleend, ziet u…

Ik: [verbaasd weet ik niets uit te brengen]

Zou die man ook denken dat hij met de auto van zijn vriend 100 km per uur in de bebouwde kom mag rijden?

Maar soms worden hondenbezitters door anderen beschuldigd dierenleed te veroorzaken door zich juist aan de regels te houden. Zie het verhaal van mijn broer Huibert (met toestemming overgenomen van  https://huibertdeman.nl/wp/2021/10/02/kant-en-de-leenhond/)

Kant en de leenhond

door Huibert de Man

Met een geleende hond loop ik regelmatig door de ‘natuur’ of wat daar in ons dichtbevolkte Brabant voor doorgaat. Ik weet dat een hond bijna nergens los mag lopen, behalve op speciaal aangewezen losloopveldjes. Soms houd ik me aan dit verbod, vaak ook niet. Als echte Nederlander vind ik dat ik de zin van de regels zelf mag beoordelen.

Laatst liep ik door het bos bij Heeze met de lease-viervoeter. Aangelijnd, want ik was hem er een keer kwijtgeraakt toen die zijn instincten en een ree volgde. Een uur wachtte ik, fluitend en roepend, tot er iets modderigs en drijfnats uit de struiken kwam. De hond dus. Het leek me niet goed voor de natuur als honden er op reeën gaan jaren. Voortaan liet ik hem aangelijnd in dit gebied.

Op een woensdagmiddag liep ik er weer, brave hond aan de lijn en verder volledig onder de controle van mijn stem (maar die is op meer dan 10 meter niet meer effectief, vandaar de lijn). Er kwam een kwieke zestigplus-dame mij tegemoet gelopen. “Zou u die hond niet beter los kunnen laten lopen?” zei ze toen ze dichtbij was, “dat is toch veel fijner voor de hond. Ik had ook zo’n soort hond en ik weet wat die honden nodig hebben.”

Ik voelde me aangevallen en schoot meteen in de verdediging: “Mevrouw, u weet toch dat het in dit natuurgebied verboden is om honden los te laten lopen?”. Ik wilde ook nog iets zeggen over mijn negatieve ervaring uit het verleden in dit bos, maar daar kwam ik niet aan toe. Mevrouw was al in de tegenaanval: “Houdt u zich altijd aan de regels”, met een afkeurend gezicht van “bent u er zo eentje?”.

Dit werd een onmogelijke discussie, waarin ik met het categorische imperatief van Emmanuel Kant in mijn achterhoofd het nut van algemene regels en democratisch afgesproken wetten en verordeningen probeerde te verdedigen. Daarmee maakte ik weinig indruk. Ik bleef de beklagenswaardige figuur die zich achter regels en wetten wilde verschuilen en daarmee zijn (geleende) hond onrecht deed.

____

Slapeloos door de slaapmuis

Ruime slaapkamer

Nog nooit zo’n groot huis gehuurd. Nog nooit zo’n grote slaapkamer gehad op vakantie. Daar sliepen we dan boven de gigantische keuken in de kamer waar als versieringen een oude kinderwagen, een oude fiets en een historische motorfiets in een nis onder het dak waren neergezet.

De slaapkamer

Buiten was het heerlijk rustig. In het dorp Chalvron gebeurt nooit iets, zeker niet ‘s nachts. Toch was het binnen niet echt rustig. Allerlei onduidelijke geluiden – geknaag, trippelende pootjes, een val van een meter naar beneden? – hielden ons uren uit de slaap.

Hier liepen de eikelmuizen als het donker werd …

 

Motor Mouse

Waren dit dan de ‘lérots’ waarvoor Robert ons nog gewaarschuwd had? Soms kreeg je het idee dat er zo’n beest van grote hoogte van onder het dak rechtstreeks in de motorfiets of de kinderwagen viel. Tenslotte vielen we wel in slaap. Wij gaven onze vriend de bijnaam ‘Motor Mouse’, bekend van Engelse kinderboekjes.

De volgende dag meldden wij het probleem aan Robert. Hij moest tot zijn spijt erkennen dat de ‘lérots’ bij het koude weer van het moment de zolders van huizen en schuren opzochten. Andere bewoners in de buurt hadden er ook last van. We zochten op Google en Wikipedia nadere informatie over die interessante beestjes op en vonden snel heel veel.

Het bleek om een eikelmuis te gaan, in het Engels een ‘Garden dormouse’ geheten, een woord waarin het Franse ‘dormir’ zit. De eikelmuis is geen echte muis, maar van de familie van slaapmuizen, muizen die een winterslaap houden. De eikelmuis houdt wel een erg lange winterslaap, soms van tot 7 maanden. Voordat het beestje aan die slaap begint, eet het zich zo vol dat hij met zijn bolle lichaam nauwelijks meer kan lopen.

Zevenslaper

Eikelmuis – Lérot – Garden Dormouse

Wij waren ons er niet van bewust, maar eigenlijk kenden wij de naaste familie van de eikelmuis, de relmuis (‘Edible dormouse’), al heel lang als een hoofdpersoon in het hoofdstuk ‘A Mad Tea Party’ (‘Een dolle theevisite’) in Alice in Wonderland van Lewis Caroll (1865). In de Nederlands vertaling heet de ‘Dormouse’ de ‘Zevenslaper’ en zit hij, vast in slaap tussen de Maartse Haas (‘March Hare’) en de Hoedenmaker (‘Mad Hatter’). Af en toe wordt hij wakker en zegt dan dingen als “`You might just as well say that I breathe when I sleep is the same thing as I sleep when I breathe”!’ 

De zevenslaper tussen de Maartse Haas en de Hoedenmaker (originele illustratie uit de Engelse uitgave)

Onze slaapmuis was dus een net iets andere soort dan het slaperige beest in Alice in Wonderland. Een of meer slaapmuizen hadden de warmte en de droogte onder het dak van ons huis opgezocht. Slapen deden ze ‘s nachts helemaal niet, maar hielden ons door te lopen, springen, vallen en knagen behoorlijk uit de slaap.

Bedreigd

Het was ooit een tamelijk algemeen knaagdier in grote delen van Europa maar wordt overal met teruggang en zelfs uitsterven bedreigd. De lege ruimtes in oude huizen en schuren die zij voor hun uitzonderlijk lange overwintering nodig hebben, komen steeds minder voor. In de perfect geïsoleerde en afgesloten huizen van tegenwoordig is geen ruimte meer voor wat wij ongedierte noemen.

Toevluchtsoord voor slaapmuizen

Toen wij twintig minuten weg waren om boven in te pakken voor de terugweg, bracht een eikelmuis een bezoek aan de keuken en legde daar een spoor van kleine donkere uitwerpselen neer. Toen Robert dit hoorde, besloot hij meteen een val neer te zetten. Ik heb hem erop gewezen dat het om een beschermde en bedreigde soort gaat en hem gevraagd het beest een paar kilometer verder in het bos los te laten. Hopelijk heeft hij mijn advies opgevolgd.

Meer informatie

Over slaapmuizen zie de Wikipedia-pagina.
Specifiek over eikelmuis en de relmuis.

Alice in Wonderland (Nederlands, Engels)

___

Een ochtend naar Solleveld

De Levende Natuur

Marianne, onze gids

Genieten van de natuur is voor mij: buiten zijn, genieten van de frisse lucht (en zelfs de regen), van vogelzang, geuren en kleuren. Mijn natuurbeleving sluit heel sterk aan op de ‘natuursport’ die Heimans en Thijsse aan het begin van de vorige eeuw introduceerden en zo prachtig in het blad De Levende Natuur beschreven in mooie verhalen met prachtige tekeningen.

Zintuigen

kleuren in Solleveld

Als je van een excursie terugkomt, zullen veel collega-natuurliefhebbers (vaak vogelaars) vragen: hadden jullie nog leuke waarnemingen vandaag? Eigenlijk een onzinnige vraag. Zodra je een eerste stap zet in een natuurgebiedje, kom je oren en ogen te kort om je bewust te worden van alles wat je ziet, hoort, ruikt en voelt: een en al zintuigelijke waarneming. De eerste de beste vlinder, boom of vogel die je tegenkomt is wat mij betreft al een belangrijke waarneming, ook al hebben we het dan over een bont zandoogje, een eik en een heggenmus.

Feestelijk

Geheel in deze geest trekken Arthur en ik met Marianne door het landgoed Ockenburgh naar het Solleveld. Met haar brede belangstelling voor de natuur in al haar verschijningsvormen maakt zij van deze wandeling een feestelijke ontdekkingsreis. Nooit geweten dat hier zo’n prachtig gebied lag. Als je zoals ik ten Noorden van Den Haag woont, kom je hier niet toevallig. Eerder rijd je zulke gebieden met veel te hoge snelheid voorbij op weg naar het Zuiden van Zuid Holland of naar Zeeland.

De wandeling. Onder aan de kaart ligt Monster.

In de voetsporen van Heer Bommel

We beginnen de expeditie door een wandeling door het hyacintenbos. Hier bloeien eerder in het jaar talloze wilde hyacinten. Ik ken die bloemen heel goed uit Normandië en Schotland. Ik noemde ze altijd bij hun Engelse naam, blue-bells, zonder te weten dat dit hyacinten zijn.

Eiken zoals eiken bedoeld zijn

Het bos op weg naar de ingang van het Solleveld bestaat voor een groot gedeelte uit een heerlijk eikenbos. Hier staan eiken zoals eiken bedoeld zijn, grillig alle kanten uit groeiend soms breder dan hoog. Het is een soort bos waarin Marten Toonder Heer Bommel en Tom Poes liet verdwalen en waar dan van achter de bomen enge kleine mannetjes tevoorschijn kwamen, en dat betekende meestal niet veel goeds. Hier geen enge mannetjes, maar heel veel bonte spechten en heel veel prachtige mierenhopen. Met zoveel rode bosmieren zou je hier eigenlijk groene spechten verwachten. Die zijn er niet, maar aan het einde van de tocht zullen we er toch een horen lachen.

Natuurlijke verwoesting

We lopen door een hekje het Solleveld in. Nu komen we in het duingebied met veel open plekken, verspreide begroeiing en veel water (het is een gebied van Dunea, van de duinwaterwinning). De mens is zeker niet de enige soort die weinig respect voor de ongestoorde natuur lijkt te hebben. Wie wel eens in Zweden naar een beverbos geweest is, weet op welke schaal deze beesten vernielingen kunnen aanrichten en overstromingen kunnen veroorzaken.

Maar onze aalscholvers kunnen er ook wat van. Honderden aalscholvers zitten daar in ten dele wegkwijnende bomen, wit geplamuurd met naar ammoniak stinkende aalscholverstront. Pa en ma aalscholvers vliegen af en aan om hun kroost van voedsel te voorzien. Oude en jonge aalscholvers maken allemaal uitbundig lawaai op verschillende toonhoogtes.

Gegrift in het geheugen

We lopen een eindje verder langs een plas met veel water en riet. Dan komt er plotseling op korte afstand een roerdomp langs vliegen: even vis halen voor de kleinen. Hij laat zich uitstekend met het blote oog waarnemen. Tot nu toe kon ik nooit warm lopen voor roerdompen die zich als een bruin stipje op een kilometer afstand in een bruin veld schuil hielden. Geef mij maar een koolmees, zei ik dan. Maar nu zien we hem fantastisch goed van heel dichtbij. Arthur nam nog een schitterende foto, maar ik ben blij dat ik geen tijd had om een foto te nemen. Hij staat nu in mijn geheugen gegrift en daar blijft hij. Wat een rare gedrongen bruine reiger. Het had zomaar een of andere vliegende dinosaurus kunnen zijn. Ik zal dat beeld nooit vergeten.

Hier vliegen ook honderden gierzwaluwen. Zoveel heb ik zelden bij elkaar gezien. Ze vliegen hoog maar ook scheren ze laag over het water. Daar moeten wel heel veel insecten vliegen. Gierzwaluwen zijn misschien de meest wonderlijke vogels die ik ken. Maandenlang brengen ze in de lucht door. Zelfs schijnen ze daar te paren. Alleen als ze nesten hebben onderbreken ze hun luchtreis.

Marianne en Arthur

Een eindje verderop dansen er kleine vinkachtigen (of piepers?) over het veld. Onduidelijk wat het waren: dus gewoon kleine bruine vogeltjes. Dan zien we opeens zowaar een paar grote sterns. Hun geluid had niets van visdiefjes. Ze vliegen richting de zee.

Op de terugweg

We lopen door prachtige begroeiing waarin het geel goed vertegenwoordigd is zoals mooie toortsen en St Jacobskruiskruid. Overal zijn vlinders. Marianne vertelt ons onderweg over haar rol in het tellen van libellen. Daar waag ik me voorlopig niet aan. Dat is mij te moeilijk. Af en toe huppelen er bruine miniatuurkikkertjes over het pad. We moeten oppassen ze niet te vertrappen. We zien een torenvalk, die misschien een boomvalk was of zelfs een sperwer. We zien het beest gewoon niet goed genoeg. Hoog in de lucht cirkelen buizerds en iets verderop bij het strand cirkelen de hanggliders, maar dat is een wereld die we maar links laten liggen.

We lopen weer terug naar het landgoed en naar de parkeerplaats. Het was een mooie ochtend.

Waarnemingen

    1. enthousiaste gids met grote liefde voor de natuur en mooie verhalen over wat ze daar ziet en hoe ze het aan de kinderen overbrengt.
    2. enthousiaste vogelaar die een even enthousiaste vogelfotograaf is geworden de laatste maanden.
    3. schitterende bijna horizontaal groeiende eikenbomen
    4. naar vogelmest stinkende aalscholverkolonies
    5. een goede roerdomp-show op het juiste moment
    6. tientallen bonte spechten (en één groene)
    7. bont zandoogje en meer vlinders
    8. grote sterns
    9. honderden gierzwaluwen
    10. allerlei planten waarvan ik de naam niet ken.
Meer informatie

Website van Duingebied Solleveld (Dunea-website). Kaartje kopen op deze pagina.

De Levende Natuur, vanaf de eerste afleveringen (1896) vind je op de BNL-Website.

Mijn blog over de achtergronden een fictieve Zuiderzee-excursie waarin ook iets over De Levende Natuur.

Voor een verslag door Arthur Staal (mét foto van de roerdomp) zie zijn blog.

Recente excursieverslagen

Een mooie relatie – Texel mei 2021
Naar de Strengen – april 2021
Zwartkoppen, spechten en Cetti’s op Koudenhoorn – april 2021
Aardsterren, eekhoorns en vogels op Voorne – november 2020