Om voor voldoende scherptediepte te zorgen, kan je natuurlijk gewoon experimenteren totdat je het gewenste resultaat ziet. Maar veel mensen neigen ertoe de scherptediepte te overschatten bij hoge diafragmagetallen. Zij denken dan dat de instelling f/18 een mooi scherp resultaat garandeert, maar dat is vaak helemaal niet zo. Als er echt een grote scherptediepte wordt vereist, dan kan je beter even snel een berekening maken, ondersteund door een DOF-app (Depth of Field). Maximale scherptediepte krijg je altijd als je de afstand op de camera op de bij de gekozen camera, het gekozen objectief en het gekozen diafragma behorende hyperfocale afstand instelt. Voor de volgende procedure is het absoluut noodzakelijk dat de afstand op de lens handmatig in te stellen is.
- Bepaal met welke camera je wilt fotograferen. Kies bijvoorbeeld voor een door jou gebruikte APS-C cropcamera.
- Bepaal met welk objectief je wilt fotograferen: van heel dichtbij met een groothoek, of iets verder weg met een normale lens of teleobjectief. Kies bijvoorbeeld een 35 mm-objectief. Bepaal op basis daarvan je standpunt.
- Meet de afstand van het dichtstbij gelegen voorwerp dat scherp moet zijn. Dit zou bijvoorbeeld 1,50 meter kunnen zijn. Om dit voorwerp er scherp op te krijgen en alles tot oneindig ook dan moet de hyperfocale afstand 3,00 meter zijn.
- Open de DOF-app: kies de juiste camera. Zoek met behulp van deze app het benodigde diafragma dat bij een 35 mm-lens een hyperfocale afstand van 3,00 meter geeft. De manier waarop dat moet, is afhankelijk van de app in kwestie. Mijn app geeft voor een Nikon D7100 en een lens van 35 mm een diafragma f/20, dichter dan wat veel mensen vermoeden. Stel in dit geval de camera in op 3 meter en f/20.
- Wil ik dit zelfde doen met een twee keer zo lange lens (70 mm) van 2x zo ver weg van het onderwerp, dus op 3,00 meter, dan moet de hyperfocale afstand 6 meter zijn. Mijn app berekent dan een diafragma van f/40. Stel in dit geval de camera in op 6 meter en f/40, maar er is kans dat dit helemaal niet mogelijk is op een camera. Daaruit zie je dat voor grote scherptediepte een kortere lens vaak de enige optie is.

Een paar opmerkingen
- Grote scherptediepte is gemakkelijker te realiseren bij korte lenzen (groothoekobjectieven). Bij telelenzen is het vaak bijna onmogelijk.
- Hoe kleiner de sensor van een camera, des te gemakkelijker is het om grote scherptediepte te realiseren: gigantische scherptediepte bij telefoons, grote scherptediepte bij compactcamera’s, redelijk groot bij APS-C en NFT, veel kleiner bij full-frame en groter.
- Wil je juist scherptediepte beperken (bijvoorbeeld voor vage achtergronden), dan geldt het omgekeerde.