
Hier in het Westen van Nederland zijn prachtige natuurgebieden, dat wil zeggen: gebieden waar de mooiste en soms zeldzaamste dieren en planten te vinden zijn. Maar denk bij natuur hier niet aan romantische wildernis als eenzame heidevelden, uitgestrekte bossen of door zeewater omspoelde zandbanken.
Op de slaapplaats in de Munnikenpolder bij Leiderdorp landen vlakbij de snelweg bij zonsondergang in de winter groepen van meer dan duizend wulpen. Waar de ene trein na de andere voorbij raast, staan de prachtige lepelaars in het ondiepe water in de Polders Poelgeest te vissen.
De bij den Haag gelegen Nieuwe Driemanspolder is het eldorado voor vogelaars die met als achtergrond de absurde skibaan van Zoetermeer grote groepen smienten slobeenden en pijlstaarten zien vliegen terwijl in het water een rosse franjepoot zwemt en een kleine zilverreiger zenuwachtig heen en weer loopt.

Ons beeld van ‘natuur’ is aan herziening toe. Het is interessant om te zien hoe mensen de werkelijkheid proberen te ontkennen door een slootje in de Munnikenpolder zo te fotograferen dat de flats in Leiderdorp er net niet op komen te staan. Mijn foto’s kunnen dit beeld een beetje corrigeren.
Met uitzondering van gebieden als de Waddenzee heeft onze natuur niets meer van een ongerepte wildernis. Onze natuur bevindt zich midden in de stad en tussen steden, snelwegen en spoorlijnen. Beter dan de romantische illusie die probeert de oorspronkelijke natuur van voor de industriële revolutie en zelfs van voor de landbouw te herstellen, inclusief beren en wolven, is het van de nu echt aanwezige natuur, inclusief de oprukkende invasieve soorten zoals halsbandparkiet en rivierkreeft het beste te maken.
PS Dit stukje is een nevenproduct van een opdracht bij de fotocursus voor gevorderden die ik dit jaar bij het LAK onder leiding van Harry Otto volg. Zie ook mijn vorige blog. Zie ook in deze blog van een jaar geleden. Voor nog meer overpeinzingen over het vreemde begrip 'natuur', zie deze blog.
_____








Libellen zijn prachtige insecten. Ik heb er de laatste jaren duizenden foto’s van gemaakt en sommige zijn best mooi geworden. Hierdoor heb ik ook steeds meer soorten leren kennen en ga regelmatig op soortenjacht. Voor de determinatie heb ik ook foto’s nodig, maar dit zijn niet het soort foto’s waar ik van houd. Technisch gezien is het fotograferen van insecten in het algemeen en libellen in het bijzonder best moeilijk, vooral wanneer ze vliegen. Omdat je over het algemeen met lange brandpuntsafstanden werkt, is het ook moeilijk om artistiek interessante foto’s te maken. Door de kleine scherptediepte zijn de foto’s vaak erg vlak. Alles op de achtergrond is vaag. Dat kan je in je voordeel gebruiken om mooie effen donkere of lichte achtergronden te maken. Ik heb de techniek van het libellen fotograferen nu redelijk onder de knie. Mijn repertoire bestaat tot nu toe uit een beperkt aantal compositie-types, die ik hierna laat zien.










Libellen jagen op andere insecten, inclusief muggen, vliegen, vlinders en libellen. Op deze foto verslindt een gewone oeverlibel een lantaarntje dat zij net gevangen heeft. Jagende en knagende libellen zijn een onderwerp dat bij mij nog te weinig aandacht heeft gekregen.





















Het leuke van de relatie vogel-schaap is dat er geen enkel echt direct contact bestaat afgezien van de interesse van vogels in de vliegen op schapenstront of in restjes van schapenvoer.
