Een prettige teleurstelling

De afgelopen weken ben ik op zoek geweest naar beelden van die rare natuur in mijn directe omgeving, ingeklemd tussen snelwegen, spoorlijnen, industrieterreinen en de laatste stukjes landbouw. Het resultaat viel niet tegen. Ik schoot mooie beelden van de treinen die langs de vogelplassen van de Polders Poelgeest razen en van de vrachtwagen die vlakbij het wulpenparadijs Munnikenpolder hun tank vol dieselolie gooien. Ik sloot het drieluik af met troosteloze beelden van de Nieuwe Driemanspolder met de Zoetermeerse skibaan en de flats van den Haag als achtergrond van grote groepen eenden, ganzen en meeuwen. Zie mijn vorige blog.

Maar ik wilde nog wel een gebied toevoegen aan mijn verzameling. Niet ver van Rotterdam verwachtte ik bij Eendragtspolder en Rottemeren minstens even troosteloze beelden te kunnen schieten. Het weer was gunstig: koude en grijze luchten voor een goede dosis somberheid. Vol verwachting stormde ik met ons autootje het Clausplein over en dan via Zoetermeer naar het Zuiden recht op de parkeerplaats af bij de Eendragtspolder met een mooie uitkijktoren op de Willem-Alexander-roeibaan. Ik was de enige bezoeker. In het onaangename weer liep ik, gewapend met twee camera’s en een verrekijker, langs de mooie vogelplas.

Eendragtspolder

Erg bijzonder waren deze keer de vogels niet afgezien van wat tafeleenden, kuifeenden, een enkele zilverreiger en de onvermijdelijke meerkoeten. De mist maakte het landschap niet lelijk. Integendeel, de vage contouren van de kolossale flatgebouwen van Rotterdam Nesselande hadden bij dit weer iets moois. Ze leken de ongewone rust te onderstrepen in dit gebied niet ver van een van de drukste steden van Europa. Verkeer was er nauwelijks. Af en toe vlogen er groepjes eenden over en de meeuwen op een bouwland achter de dijk profiteerden van het werk van een tractor.  

 

Na mijn bezoek aan de Eendrachtspolder en de roeibaan reed ik een stukje naar het Zuiden om daar bij de Zevenhuizer plas aan te komen. Ik dronk een kopje koffie bij de aan de strandweg gelegen Pannenkoe. Ik vroeg aan het meisje van de bediening waar de WC zich bevond: “Ga de deur in waarop Stieren staat”. Een pannenkoekenrestaurant rond het thema koe en stier. Leuk.  Van hier zie je weer dezelfde hoge flats als vanaf de Eendragtspolder. Ze staan niet ver van  het strand van Nesseland aan overkant van de plas.

Ik wilde hierna nog even aan de andere kant van de Rotte gaan kijken. Met de fiets had ik het bruggetje bij Vijfhuizen kunnen nemen. Met de auto moest ik helemaal via Terbregge (Rotterdam Alexander) rijden, meer dan 15 km langer. Na mijn kleine uitstapje naar Rotterdam reed ik dan aan de andere kant van de Rotte naar het Noorden, vooral over de slingerende Rottebandreef, waar hard rijden vrijwel onmogelijk wordt gemaakt door een overdaad aan verkeersdrempels. Langzaam gaat de stad hier in een iets landelijker omgeving over, waar ook de beter gesitueerde Rotterdammers hun optrekjes hebben gebouwd. Het werd steeds mooier en steeds rustiger. Ik parkeerde op een parkeerplaats aan de Rottemeren. 

Herfst bij de Rottemeren

Ik wandelde een stukje langs een van de meertjes: mooie herfstkleuren aan het mooie water, een idyllisch bruggetje en tenslotte over de Rottedijk naar het kunstwerk ‘Ritme van drie’ van Lon Pennock, drie identieke gebogen metalen (?) vormen. Op het bordje bij het kunstwerk kan je zien wat het allemaal moet betekenen: de harmonie van de elementen land, lucht en water en ook nog de gebogen houding van havenkranen of reigers. Altijd mooi zo’n verklarende tekst erbij. Vanaf het kunstwerk heb je mooi uitzicht op de molen aan de overkant van de Rotte: de Eendragtsmolen. Ik was dus weer heel dicht bij het begin van mijn expeditie naar dit gebied.

Ritme van drie en de Eendragtsmolen

Bibberend van de kou at ik mijn brood op een bankje bij het kunstwerk en dronk er een warme kop koffie bij uit mijn thermosfles. Door het mooie parklandschap liep ik terug naar de parkeerplaats. Ik moest concluderen dat mijn expeditie mislukt was. Ik was op zoek naar weer een toppunt van lelijkheid, van schreeuwende contrasten tussen betonnen steden, razende snelwegen en wat er van natuur is overgebleven. Die lelijkheid had ik niet gevonden. De flats bij Nisselande waren bijna mooi en ik heb genoten van de weldadige rust in dit gebied. Een teleurstelling: ik heb niet gevonden wat ik zocht, maar deze teleurstelling was best wel prettig.

Rotte – Willem Alexander baan – Eendragtspolder – Zevenhuizer plas

_____ 

Natuur tussen flats en snelwegen

Polders Poelgeest

Hier in het Westen van Nederland zijn prachtige natuurgebieden, dat wil zeggen: gebieden waar de mooiste en soms zeldzaamste dieren en planten te vinden zijn. Maar denk bij natuur hier niet aan romantische wildernis als eenzame heidevelden, uitgestrekte bossen of door zeewater omspoelde zandbanken. 

 

Op de slaapplaats in de Munnikenpolder bij Leiderdorp landen vlakbij de snelweg bij zonsondergang in de winter groepen van meer dan duizend wulpen. Waar de ene trein na de andere voorbij raast, staan de prachtige lepelaars in het ondiepe water in de Polders Poelgeest te vissen. 

De bij den Haag gelegen Nieuwe Driemanspolder is het eldorado voor vogelaars die met als achtergrond de absurde skibaan van Zoetermeer grote groepen smienten slobeenden en pijlstaarten zien vliegen terwijl in het water een rosse franjepoot zwemt en een kleine zilverreiger zenuwachtig heen en weer loopt.  

Munnikenpolder en benzinestation

Ons beeld van ‘natuur’ is aan herziening toe. Het is interessant om te zien hoe mensen de werkelijkheid proberen te ontkennen door een slootje in de Munnikenpolder zo te fotograferen dat de flats in Leiderdorp er net niet op komen te staan. Mijn foto’s kunnen dit beeld een beetje corrigeren.

Met uitzondering van gebieden als de Waddenzee heeft onze natuur niets meer van een ongerepte wildernis. Onze natuur bevindt zich midden in de stad en tussen steden, snelwegen en spoorlijnen. Beter dan de romantische illusie die probeert de oorspronkelijke natuur van voor de industriële revolutie en zelfs van voor de landbouw te herstellen, inclusief beren en wolven, is het van de nu echt aanwezige natuur, inclusief de oprukkende invasieve soorten zoals  halsbandparkiet en rivierkreeft het beste te maken. 

PS

Dit stukje is een nevenproduct van een opdracht bij de fotocursus voor gevorderden die ik dit jaar bij het LAK onder leiding van Harry Otto volg. Zie ook mijn vorige blog.

Zie ook in deze blog van een jaar geleden.
Voor nog meer overpeinzingen over het vreemde begrip 'natuur', zie deze blog.

_____

Landschapsfoto’s

Mooi voor rouwkaarten

Het leuke van een fotocursus is dat je verleid wordt iets anders te gaan fotograferen dan wat je normaal zou gaan doen. Dat was een paar weken geleden bij de opdracht ‘minimalisme’ (zie vorige blog) en nog meer bij de opdracht van deze week: landschap. Van de meeste landschapsfoto’s die ik voorbij zie komen, word ik niet enthousiast.

De foto’s die het goed doen op internetsites worden gedomineerd door een beperkt aantal stereotypen: dramatische wolkenpartijen, oranjerode luchten bij zonsondergang en soms het silhouet van een vlucht ganzen. Foto’s die het ook goed op rouwkaarten doen. Niet zelden staat er ook een eenzaam persoon op een bergtop de oneindigheid in te staren. 

De romantiek is springlevend

Het schilderij van Friedrich uit 1818

Het lijkt alsof we bij deze soort fotografie terug zijn bij bombastische emoties van de romantiek, zoals Casper Friedrich rond 1818 op zijn beroemde schilderij tot uiting bracht. Dat was het begin van de 19e eeuw, maar het blijkt dat dit soort beelden meer dan twee honderd jaar later nog steeds de toon aangeven. Het lijkt alsof de ontwikkeling naar impressionisme, expressionisme, kubisme en allerlei nieuwere ontwikkelingen aan de populaire smaak voorbij zijn gegaan. Over smaak zou niet te twisten zijn, maar ik vind veel wat de landschapsfotografen produceren vrij smakeloos. Ik heb dit al eerder beschreven.

Balanceren op de rand van kitsch

Nu vind ik niet alle landschapsfoto’s van herfstlandschappen, zonsondergangen en vluchten trekvogels tegen kleurige luchten kitsch of valse romantiek, maar het gevaar ligt steeds op de loer.

Bomenfoto op een cursus van Ellen Borggreve.

Ik volgde een cursus bij Ellen Borggreve (die naar mijn smaak wel fantastische bomenfoto’s maakt zonder zich in dat soort groezelige emoties te verliezen) en daar heb ik best een mooie foto gemaakt (zie links). 

Toen wij in 2017 met onze zoon in een huisje op een Noors eiland verbleven,  was de zonsondergang wel erg mooi. Het resultaat was een mooie foto, maar wel zo’n foto die heel vaak gemaakt wordt.

Niet zo lang geleden legde ik de stralenbundels van de zon door de mist in een park bij Leiden vast (hieronder links). Misschien geen slechte foto. Een vergroting hiervan heeft een paar maanden lang bij mij aan de muur gehangen. Toen ging hij me vervelen als een te stereotype foto, op de grens van goedkope kitsch, een foto die bovendien te vaak gemaakt wordt. Ik heb hem maar van de muur gehaald. De foto daarnaast, minder spectaculair misschien, vind ik veel beter. Hij legt de mooie herfstsfeer nauwkeurig vast zonder overdrijving. Geen standaardplaatje dat overal steeds gemaakt wordt.

 

Ongekunstelde schoonheid en lelijkheid

De landschapsfoto’s waar ik zelf blij van wordt, laten de schoonheid (of de lelijkheid) van het moment ongekunsteld zien. Vaak gaat dat met een eenvoudige camera zonder bijzondere instellingen. In sommige gevallen zijn technische hulpmiddelen als grijsfilters, polarisatiefilter en manipulatie van kleuren in de nabewerking behulpzaam, maar in mijn benadering creëren die geen nieuw beeld maar helpen de indrukken die mijn ogen + hersenen op het ene moment zagen te reconstrueren.

Berneray 2024

Als ik mijn geslaagde landschapsfoto’s van de afgelopen tijd bekijk, dan zie ik een voorkeur voor relatief lege landschappen met weinig contrast, vooral groenblauwe kleuren en de opvallende afwezigheid van rood. Ik word nooit een beroemd fotograaf van zonsondergangen, ben ik bang. Mijn foto van Scheveningen in de zandstorm vind ik geslaagd om de mooie lijnen, de lage contrasten en de aantrekkelijke leegheid.

Dit is wel iets anders dan de woest brekende brandingen met daarboven dreigende wolkenluchten met aanstormende regenbuien waar sommige mensen dol op zijn, maar ik niet.

Prenten uit de stadsnatuur

Vogeleldorado Driemanspolder

We wonen in een land waar eigenlijk geen natuur bestaat. Alle natuurgebieden zijn aangelegd en je hoeft nooit ver te kijken om een flatgebouw, een hoogspanningsmast, een snelweg of een ander element uit onze stadscultuur te zien. Stadsnatuur is een heel interessant onderwerp dat leuke foto’s kan opleveren. Hier in Zuid Holland zijn er mogelijkheden te over zoals de tussen spoorweg en flatgebouwen ingeklemde Polders Poelgeest, de Munnikenpolder tussen snelweg, hoogspanningsmasten en tunnels voor snelle treinen, en bijvoorbeeld de driemanspolder bij Zoetermeer: vogeleldorado met uitzicht op den Haag. Natuurfotografie gaat hier naadloos over in stadsfotografie nu er in de stad meer natuur is dan op het platteland. 

Wulpen strijken neer in de Munnikenpolder

 

Vanuit de paddenstoel bekeken

Geen twee velden van fotografie lijken zo verschillend als macrofotografie die de kleine beestjes en plantjes vastlegt en landschapsfotografie waar het eerder om meters en kilometers dan centimeters gaat. Toch ben ik wat aan het experimenteren met extreme groothoekfotografie, die de beide werelden kan verbinden. Het is niet een heel nieuw idee, maar het levert soms interessante plaatjes op.

Foto met 17mm (full frame) en f/22: paddenstoel in het landschap

 

Het vervolg?

Ik denk dat ik toch maar doorga op de ingeslagen weg. Bij de nu populaire romantische stroming zal ik mij zeker niet aansluiten. Ook zal ik geen speciale technieken zoals het zwaaien met de camera tijdens een opname gaan gebruiken. Hulpmiddelen zoals allerlei filters en nabewerking gebruik ik als deze het beeld versterken zonder het volledig te veranderen. Ik denk dat ik het onderwerp ‘stadsnatuur’ nog wat meer ga aanpakken. Een mooi thema met mooie kansen.  

Een plaatje vanuit het natuurgebied Polders Poelgeest. Een van de eerste foto’s voor een serie ‘beelden uit de stadsnatuur’

Verwijzingen

Harry Otto gaf de cursisten als inspiratie een paar suggesties voor interessante fotografen mee. Ze hebben zeker als inspiratie gediend maar niet alleen positief. Ik weet nu ook beter wat ik niet wil.

  1. Bas Meelker
    https://www.basmeelker.nl/
    Mij spreekt dit niet aan. Hierboven heb ik al aangegeven waarom niet.
  2. Saskia Boelums
    https://www.saskiaboelsums.nl/
    Haar imitatie van oude meesters is best knap en er zullen mensen zijn die dit mooi vinden. Mijn hobby zal het niet worden. 
  3. Charlotte Bellamy
    https://www.facebook.com/photo/?fbid=812742450851615&set=a.466978015428062
    Ze laat best mooie prenten zien, waarbij ze technieken als camerabeweging heeft gebruikt. Sommige foto’s lijken op impressionistische schilderijen. 
  4. Jan Koster
    https://www.volkskrant.nl/kijkverder/v/2023/het-idyllische-landschap-van-bv-nederland~v799704/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F

    De heldere humoristische beelden van Jan Koster (vrachtwagens met teksten op viaducten etc.) spreken mij wel aan. Hier geen romantische gevoelserupties bij dramatische zonsondergangen en eenzame mensen op een berg. Gewoon de boeiende visuele werkelijkheid in dit land, met humor gedocumenteerd. Humor is wat bij veel landschapsfotografen met hun diepe emoties en overtuigingen meestal ontbreekt. Ook ik heb daar last van. 
     

 

____________

Eenvoudige foto’s

Minimalisme

Ik volg op het LAK (Leiden) de fotocursus van de heer Otto. De opdracht voor de volgende les is een aantal foto’s maken in een minimalistische stijl. Minimalistische designers laten zoveel mogelijk details en tierelantijnen weg en preken de waarde van de lege ruimte. Fotografen in de verwante traditie doen ongeveer hetzelfde: het gaat om het weglaten van onnodige details, het werken met uiterst simpele geometrie en een beperkt kleurenpalet, vaak met laag contrast en ook hier veel lege ruimte, delen van de foto waarop werkelijk niets te zien is. De minimalistische fotograaf kan twee verschillende dingen doen. Hij kan natuurlijk voorwerpen of gebouwen fotograferen die van zichzelf al minimalistisch van stijl zijn, of hij kan onderwerpen zo fotograferen en de foto’s zo nabewerken dat er weinig details  te zien zijn en veel lege ruimte overblijft. Voordat ik aan mijn opdracht begin, heb ik eens naar mijn eigen foto’s gekeken.  Ik heb beide benaderingen gebruikt. Hier een overzicht van foto’s die in de richting van minimalisme gaan.

Foto’s van gebouwen

De foto die ik in maakte van Naturalis is een  foto’s van een heel strak design. Datzelfde geldt voor de gang over het oorlogskerkhof van Ver-sur-Mer in Normandië.  Als fotograaf moet je een positie kiezen zodat het ontwerp optimaal tot zijn recht komt. Veel meer hoef je niet te doen.

Vaak zijn gebouwen niet door de architect als zodanig ontworpen maar lenen zich wel goed voor minimalistische foto’s zoals de platen van de onderstaande twee kerken.

Deze foto laat de kilheid van het protestantisme in het Westen van Schotland zien. Geen greintje plezier in deze omgeving. De lucht is nog wel iets te vrolijk. Onderstaande foto beperkt zich tot het bovenste deel van de kerk (toren?) en laat verder bijna niets zien. De leegte domineert.

Een kerk achter een heuvel ergens in Schotland

Minder minimalistisch (maar misschien wel leuker)  zijn foto’s van strandhuisjes die ik wel zo genomen heb dat er weinig anders te zien is dan de huisjes en het ritme van de lijnen.

Mist, sneeuw en zand

Een eenvoudige manier om details uit een foto te verwijderen en om eenvoud te creëren is het gebruik van mist, sneeuw of andere condities waardoor het zicht op langere afstand beperkt en het contrast verminderd wordt. Op één van de volgende foto’s is dat een zandstorm, geen voorkeur van de meeste fotografen, maar soms wel mooi. De foto van het Joppe munt uit door lege ruimte en gebrek aan contrast.

Het Joppe, Leiden

Nog een manier om details uit te wissen, bijvoorbeeld in de rimpeling van het water, is het gebruik van lange of extreem lange sluitertijden, eventueel gecombineerd met een grijsfilter. Mistfoto’s vind ik vaak natuurlijker.

Landschappen en natuur

Sommige landschappen  zijn van nature saai. In de uitgestrekte agrarische woestijnen is de biodiversiteit uitgeroeid en je mag blij zijn als er af en toe een boom staat: ideaal voor minimalistische foto’s, zie de onderstaande twee foto’s uit Frankrijk. Op de tweede foto is er nog veel te zien in de lucht. Het zou nog wel saaier kunnen.

Hieronder staat nog één landschapsfoto uit Normandië waarop behalve de bijna ondergaande zon, drie telegraafpalen en een onduidelijke boom bijna niets te zien is. De foto van de meeuw past door zijn eenvoud toch wel in dit verhaal.

Details

Soms zijn het kleine details van een huis, een muur of iets anders, die een mooie eenvoudige foto opleveren. Teksten kunnen vaak interessante foto’s (en de nodige vragen) opleveren zoals deze twee foto’s uit Frankrijk. 

Patronen

Eigenlijk gaat het in de bovenstaande foto’s ook om patronen, zoals van ladder aan de muur. Soms gaat het uitsluitend om patronen, die ik het liefst in het platte vlak zonder enig perspectief fotografeer.

De eenvoud in bovenstaande herfstfoto heb ik gecreëerd door in de nabewerking de kleuren terug te brengen tot geel en zwart.

Het vervolg?

Na deze korte terugblik ga ik maar eens op zoek naar interessante eenvoudige foto’s. Ik denk niet dat architectuur het onderwerp zal zijn. Daar heeft de architect al de artistieke topprestatie geleverd, die ik alleen kan proberen weer te geven.

Ik ben maar eens begonnen met de ‘natuur’-gebiedjes bij het Joppe, vlakbij de Merenwijk: de Strengen en Koudenhoorn, waarvan ik hierboven ook al foto’s liet zien. Voor het eerst ben ik ook met sterke grijsfilters gaan oefenen om alle beweging uit het water te krijgen, niet altijd mijn smaak, maar soms best leuk.

5 seconden belicht (f/16, ISO 400, 80 mm), 1000x grijsfilter, extra breedbeeld.
1/5 sec, f/18, ISO 250, 24 mm

Verwijzingen

Michael Freeman onderscheidt in hoofdstuk 2 van zijn uitstekende boek The Photographer’s Mind (goedkoop te downloaden als Kindle-boek) een aantal stijlen. Na een uitgebreide behandeling van klassieke stijlen noemt hij ‘quiet style’, ‘minimalism’, ‘dramatic style’ en ‘engineered disorder’. In zijn behandeling  van minimalisme laat hij de overeenkomsten maar ook de verschillen zien tussen minimalisme in design en in fotografie. Zie ook een eerder blog van mij.

Minimalistische foto’s met lange sluitertijden, zie bijvoorbeeld het werk van Guy Lambrechts. Ik houd hier niet echt van. Te schematisch, te leeg.

Een verhelderende uitleg van minimalisme in de landschapsfotografie staat hier op Zoom Academy.

____________

 

Libellen op de foto

Prachtige insecten

Libellen zijn prachtige insecten. Ik heb er de laatste jaren duizenden foto’s van gemaakt en sommige zijn best mooi geworden. Hierdoor heb ik ook steeds meer soorten leren kennen en ga regelmatig op soortenjacht. Voor de determinatie heb ik ook foto’s nodig, maar dit zijn niet het soort foto’s waar ik van houd. Technisch gezien is het fotograferen van insecten in het algemeen en libellen in het bijzonder best moeilijk, vooral wanneer ze vliegen. Omdat je over het algemeen met lange brandpuntsafstanden werkt, is het ook moeilijk om artistiek interessante foto’s te maken. Door de kleine scherptediepte zijn de foto’s vaak erg vlak. Alles op de achtergrond is vaag. Dat kan je in je voordeel gebruiken om mooie effen donkere of lichte achtergronden te maken. Ik heb de techniek van het libellen fotograferen nu redelijk onder de knie. Mijn repertoire bestaat tot nu toe uit een beperkt aantal compositie-types, die ik hierna laat zien.

Zittende of hangende libel van opzij

Vaak probeer ik voor een rustige achtergrond te zorgen: groene begroeiing, blauwe lucht of donkere schaduwen. Dan komt de libel en de plant waarop hij zit mooi in beeld. 

Het nadeel is dat de foto’s wat saai worden en dat je wel heel weinig informatie over de context meekrijgt. Soms is het beter om toch wat structuur in de achtergrond mee te nemen, maar zo dat het niet chaotisch wordt, zoals in deze twee foto’s.  Je ziet dan dat de plaats van handeling een rietveld is.

Zittende libel van voren

Een foto van voren is niet alleen soms nodig voor de determinatie (bijvoorbeeld steenrode versus bruinrode heidelibel), maar is soms ook erg mooi.

Eierleggende libellen

Afhankelijk van de soort leggen libellen soms vliegend boven het water, alleen of in tandem, of zittend op een plant in het water eieren. Dat kan mooie plaatjes opleveren, zoals van de grote keizerlibel.

Vliegende libellen

Libellen in de vlucht fotograferen is niet eenvoudig, maar met een beetje oefening lukt het wel. Je moet daarvoor niet alleen je camera goed kennen maar ook het gedrag van de libel begrijpen. Mooie grote libellen om in de vlucht te fotograferen zijn de vroege glazenmaker, de paardenbijter en de grote keizerlibel. De iets kleinere heidelibellen zijn ook een dankbaar object. Mijn repertoire bestaan vooral uit vliegende libellen van de zijkant en van libellen die naar de camera toe vliegen.

Soms gebruik ik de lucht als blauwe achtergrond, soms het water of het ver weg gelegen struikgewas als donkerder achtergrond. Hoewel ik wel trots ben als het mij lukt, is het resultaat niet echt spannend. Het levert relatief saaie foto’s op en altijd ongeveer dezelfde.

Tandems en wielen

Tandems en wielen leveren vaak leuke foto’s op, die elementen van het merkwaardige leven van libellen en hun voortplanting laten zien.

Jacht

Libellen jagen op andere insecten, inclusief muggen, vliegen, vlinders en libellen. Op deze foto verslindt een gewone oeverlibel een lantaarntje dat zij net gevangen heeft. Jagende en knagende libellen zijn een onderwerp dat bij mij nog te weinig aandacht heeft gekregen.

Details

Details van libellen kunnen erg mooi zijn, zoals de ogen van een heidelibel of het borststuk en kop van een lantaarntje. Het kan esthetisch  mooie foto’s opleveren. Mooie vormen, mooie kleuren, maar er gebeurt niets.

Wat nu?

Ik weet nu ongeveer hoe ik een technisch en artistiek acceptabele foto van een libel kan maken, zittend, hangend of vliegend. Ik heb geen zin om dezelfde foto’s nog een paar duizend keer te maken. Van nog een vliegende paardenbijter of eierleggende keizerlibel word ik niet echt gelukkig. Ik moet iets anders fotograferen. Met de camera heeft dat niet zoveel te maken, meer met mijn ogen en mijn vermogen om iets bijzonders te ontdekken: bijzondere vormen, kleuren, gebeurtenissen. We zullen zien.

_________

Noot: voor een presentatie over libellen fotograferen klik op deze link.