Lulverhalen

Wat is een ‘narrative’?

Wat is nu eigenlijk een ‘narrative’? Je hoort dit rare woord steeds vaker uit de mond van managers, adviseurs en politici? Vroeger hadden diezelfde mensen het vooral over ‘visies'[1] en grootse ‘strategische’ ambities.  Een ‘narrative’ doet eigenlijk hetzelfde in een iets andere vorm. Het is een simpel verhaaltje dat de wereld (met vaak een hoofdrol voor de verteller) tot overzichtelijke dimensies terugbrengt,  waarin eenvoudige oorzaken tot  eenvoudige  gevolgen leiden, en waar er eenvoudige oplossingen zijn voor overzichtelijke problemen.

Lulverhalen

Er is een goede Nederlandse vertaling voor het woord ‘narrative’. Het is gewoon een lulverhaal, een verhaal dat zo eenvoudig is dat je het gemakkelijk kunt onthouden en mensen er snel mee kunt overtuigen (of belazeren).  Maar ook: het is een verhaal dat zo eenvoudig is dat het met de complexe werkelijkheid vaak niets te maken heeft, een verhaal dat in de regel grote onwaarheden bevat.

Ik heb jarenlang als een consultant op het gebied van duurzaamheid gewerkt. Het aantal inhoudsloze lulverhalen dat ik voorbij heb zien komen, is niet te tellen: de hopeloze vereenvoudiging van het duurzaamheidsbegrip in de vorm van de PPP-driehoek (profit, people, planet), de aan leugens grenzende ideeën over de komende ‘circulaire economie’ en andere ‘transitie’-oppervlakkigheden.

Indrukwekkend uit je nek kletsen

Een aantal jaren geleden was ik eens docent bij een cursus aan een dure internationale businessschool, het soort school dat adverteert met een garantie van (minimaal) salarisverdubbeling na het met succes afronden van de cursus (lesgeld tienduizenden euro per jaar). Om de studenten vast te laten wennen aan hun komende succes heeft de school heeft een restaurant van Michelinsterrenkwaliteit. Tegen grof geld kunnen de studenten daar leren om indrukwekkend uit hun nek te kletsen. Zij leren dat onder meer in groepssessies met kleine zogenaamde ‘buzz-groups’ waarin de mensen samen een ingewikkeld probleem moeten oplossen. Zo’n groep krijgt maximaal 10 minuten de tijd om hun geniale oplossing te ontwikkelen en daarna in de klas te presenteren. Een veel gekozen manier van presenteren is daarbij de ‘elevator-speech’: een verhaaltje dat kort genoeg is om aan een collega of potentiële klant in de lift tussen de tweede en de zevende verdieping te vertellen.

Wat je op zo’n school leert, lijkt mij nogal gevaarlijk: zelfvertrouwen zonder te veel kennis, hopeloos vereenvoudigde en verkorte lulverhalen over de complexe werkelijkheid. Tijdens zo’n workshop verzette ik mij krachtig daartegen en ik benadrukte in mijn presentatie dat het oplossen van problemen (als ze al oplosbaar zijn!) maanden en vaak jaren kan duren. Verbaasd keken de studenten mij aan. Een van de deelnemers stuurde mij echter niet lang na deze bijeenkomst een e-mailtje: “dit was het nuttigste wat ik sinds jaren tijdens een workshop gehoord heb.” Deze deelnemer was helaas de uitzondering, die de regel bevestigt.

Narratives als slaapmiddel

Op elk gebied zij er zijn te veel oppervlakkige ‘waarheden’ in omloop, die alleen maar ‘waar’ lijken omdat ze voortdurend herhaald worden maar niet aan de werkelijkheid getoetst. Laten we het hier maar niet over de pandemie hebben. Iedereen praat elkaar en het journaal na over de gevaren van de delta-variant en de relevantie van incidentie-getallen. Het lijkt zo net of we echt iets weten, maar eigenlijk weet vrijwel niemand iets.

Gelukkig maar dat we die lulverhalen hebben, de ‘narratives’ waarmee we onszelf en onze medemens in slaap sussen.

[1] Helmut Schmidt moest indertijd overigens niets van ‘Visionen’ hebben: “Wer Visionen hat, soll zum Arzt gehen”, en hij had groot gelijk.

_____

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *