Circulair Geleuter

Het verzoek

Ik werd onlangs opgebeld of ik een bijdrage wilde leveren aan een symposium over circulaire economie, georganiseerd door een niet nader te noemen bedrijf. Zo ging dit gesprek ongeveer.

Het gesprek

X:  Ja, wij kennen u van het artikel in Trouw, waarin u zich nogal kritisch uitlaat over ‘circulaire economie’

Ik: Wat wilt u van me?

X: Nou, wij zouden het aardig vinden als u uw mening zou kunnen inbrengen in een klein symposium van ons bedrijf waar we verschillende partijen met verschillende meningen uitnodigen om van gedachten te wisselen over ‘circulaire economie’. Onze strategie is helemaal op de implementatie van ‘circulaire economie’ gebaseerd. Het zou goed zijn dat ook uw geluid – toch wel heel anders dan wat de meesten laten horen – gehoord werd.

Ik: Ik weet niet of dat zinvol is. U kent, neem ik aan, mijn verhaal. Kort door de bocht: het concept ‘circulaire economie’ is op een leugen, of in ieder geval op een misverstand, gebaseerd. Het is fysisch onmogelijk om elk stofmengsel (product, afval …) weer tot nuttige componenten te recyclen, tenzij je eindeloos veel energie ter beschikking hebt. Vergeet je die energiecomponent dan lijkt die circulaire economie veel te mooi, te eenvoudig en te aantrekkelijk. Begrijp me niet verkeerd. Recyclen is vaak heel zinvol en ook in het rijksbrede programma staan veel zinvolle actiepunten. En wat uw bedrijf doet en nog van plan is, ook dat is heel mooi. Dit alles wordt alleen gelegitimeerd door een leugen …

X: Voor ons bedrijf is het een perspectief, een doel op lange termijn, iets waar we naar toe werken.

Ik: Dat is wel aardig, maar het is een utopie. Je kunt er wel naar toe werken, maar je zult er nooit komen. Bovendien is niet alles op de weg naar een ‘circulaire economie’ goed. Je zult het per geval moeten bekijken.

X: Wij zijn juist erg geïnteresseerd in uw mening.

Ik: Daar was ik al bang voor. Dat u denkt dat het om een mening gaat. Dat de basisfilosofie van de ‘circulaire economie’ in strijd is met elementaire fysische waarheden, in dit geval de Tweede Hoofdwet van de Thermodynamica, is niet mijn mening. Het is een waarheid, die ik best wel wil uitleggen, maar waarover verder niet te praten valt.

X: Maar uw mening – sorry dat mag ik geloof ik niet zeggen van u… –  uw standpunt is juist heel belangrijk voor ons symposium.

Ik: Ter vergelijking: er zijn nog steeds mensen die tegen alle feiten, tegen alle redelijke argumenten, tegen de beste theoretische kennis in beweren dat het klimaat niet door menselijke activiteiten aan het veranderen is. Je kunt zo een symposium organiseren met klimaatpessimisten en klimaatoptimisten die elkaar te lijf gaan, maar wat heb je daar aan? Feit is dat degenen die de klimaatverandering ontkennen gewoon uit hun nek lullen. Ook al nodig je een meerderheid tegenstanders uit, inhoudelijk hebben zij al lang verloren. Er valt hier niet te discussiëren. Er valt niet te onderhandelen. De waarheid ligt niet tussen twee meningen.

Hetzelfde geldt voor het probleem van de ‘circulaire economie’. Inhoudelijk klopt er niets van. Iedereen die een beetje verstand heeft van thermodynamica weet dat het niet deugt. Er is overigens nog een aantal problemen die ik gemakshalve nu maar even oversla. Ik begrijp dat het niet in het belang is van uw bedrijf om de theorie achter uw strategie onderuit te halen, maar dit is geen commerciële of politieke discussie. Dit is een inhoudelijke discussie die met wetenschappelijke, niet met commerciële of politieke argumenten beslist kan worden. Wat heb ik er aan om dan als enige tegenstander tussen al die mensen te gaan zitten die enthousiast hun circulaire kletskoek vanuit hun eigen belangen verdedigen?

X: Even voor de duidelijkheid. Bij dit symposium gaat het niet om onze commerciële doelen allen. Het doel is maatschappelijk …

Ik: Het vervelende is dat de grote denkfout achter circulaire economie, het ontkennen van de Tweede Hoofdwet van de Thermodynamica, en daarmee het bagatelliseren van de energetische consequenties van eindeloos recyclen, nooit serieus aan de orde komt. De ten onrechte bejubelde goeroe van ‘cradle to cradle’ (Braungart) ziet het allemaal niet zo somber en verwijst naar de oneindige beschikbaarheid van zonne-energie en verkondigt daarmee leuke maar onverantwoordelijke sprookjes.

X: Het zou toch goed zijn om zulke dingen in te brengen in ons symposium, zodat we van elkaar kunnen leren …

Ik: Daar geloof ik niet zo in. Het zal eerder een feestje worden waarin ongefundeerde meningen worden herhaald en bevestigd. Terwijl ik dit zeg, maak ik me weer kwaad. Nee, ik doe niet mee. Een goede middag nog.

Zie ook

mijn artikel met Friege
mijn artikel met Brezet

Lees ook Piers Sellers in The New Yorker over de ontkenning van klimaatwetenschap.

Leave a Reply

Your e-mail address will not be published. Required fields are marked *