Mikaszówka

Drielandenpunt

P1000526.jpg
Pokoje przy Trojstyku

Op zaterdag (2 juni) kom ik aan bij het drielandenpunt van Rusland, Litouwen en Polen. Dat stukje Rusland ligt hier tussen Litouwen en Polen 600 km verwijderd van het echte Rusland, voorbij Litouwen, Letland en Wit-Rusland. Na het uitstekende diner in mijn Bed & Breakfast “Pokoje przy Trojstyku” loop ik in 15 minuten naar de mooie Poolse grenspaal. Links daarvoor zie je het prikkeldraad van de Russische grens en iets meer naar rechts het prikkeldraad waarachter Litouwen ligt. Het is er stil. Hier gebeurt gelukkig niets meer, maar dat is wel eens anders geweest. Eigenlijk was het hier sinds de vroege Middeleeuwen altijd oorlog.

P1000528.jpg
Grenspaal. Russische grens.

Nu is het rustig en de grenzen, hoe willekeurig ook tot stand gekomen, staan niet meer ter discussie. Ondenkbaar dat de Polen Kaliningrad zouden willen veroveren. Op een bord staat dat je van de Russische taartpunt van het landschap geen foto’s mag maken. Ik heb het wel gedaan. Zouden die Russen dan plotseling achter het hek vandaan kunnen komen om je te arresteren? Ik denk van niet. Ik drink nog een zelf meegebracht bier, ga naar bed en geniet van mijn nachtrust.

Kanał Augustówski

De volgende ochtend na een goed ontbijt begin ik aan het meest oostelijke stuk van de tocht. Ik wil die dag naar Mikaszówka, vlakbij de Wit-Russische grens aan het Kanał Augustówski dat tot ver in Wit-Rusland loopt tot aan de rivier de Memel (of Neman in Wit-Russisch), ten Noorden van Grodno.

P1000563.jpg
De sluis bij Mikaszówka

Het werd tussen 1821 en 1851 door de Polen aangelegd als een verbinding met Rusland om daarmee niet door Pruisisch territorium (met hoge belastingen) te moeten. Via deze route ontstond een van Danzig onafhankelijke verbinding met de Zwarte Zee. Zie https://en.wikipedia.org/wiki/August%C3%B3w_Canal. Het kanaal is vol sluizen. Een van de laatste sluizen voor de grens met Wit-Rusland bevindt zich in het kleine plaatsje Mikaszówka. Het leek mij een goed idee om daar twee nachten te blijven.

Ooievaarkots

P1000554.jpg
Kraanvogels met jongen

Ik fiets die dag 95 kilometer langs meren, weiden en door bossen. Af en toe kom ik door een klein plaatsje. Onderweg zie ik niet alleen heel veel ooievaars, maar ook kraanvogels met jongen. Ik kom nog door het gebied waar we in 2003 met de kinderen waren. We kampeerden toen bij een eenvoudige Agroturystyka, waar we konden zwemmen in een meer waarvan de bodem bedekt was met half vergane plantenresten, die wij toen “ooievaarkots” noemden. Wij hebben daar ook gegeten en kregen een interessante vruchtensoep als voorgerecht.

P1000556.jpg
Czarna Hańcza

Vijftien jaar later fiets ik er doorheen. Het toerisme is iets toegenomen en de vakantieboerderijen zijn iets luxer geworden, maar heel veel is er ook weer niet veranderd. Ik kom ook nog regelmatig de Czarna Hańcza tegen, het mooie riviertje waar ik toen met Hans met een kano van afgezakt ben.

Welkom in Mikaszówka

Mikaszówka was een van de plaatsen waar ik moeilijk een overnachting kon vinden. Een Agroturystyka had geen plaatsen meer maar suggereerde een ander adres. Via facebook reserveerde ik daar voor twee nachten. Als ik in het plaatsje aankom, bel ik eerst bij het verkeerde adres aan en word naar een andere plek doorverwezen. Als ik daar aanbel, komt er een veel te dikke man – vieze buik hangt uit zijn niet zo frisse T-shirt – naar buiten. Ik laat mijn uitgeprinte facebook-conversatie zien. Als hij begint te praten, uitsluitend Pools, komt er een onaangename dranklucht uit zijn mond. Hij wijst naar een half afgebouwd gebouw aan de overkant en zegt dat ik bij het huis daarnaast moet aanbellen. Ik doe dat en er komt een slecht geklede, ongezonde oude vrouw uit de deur. Ook zij spreekt alleen maar Pools en ook zij ruikt naar drank. Zij lijkt nergens iets vanaf te weten en denkt dat ik een dag te vroeg ben. OK, ik kan daar zeker twee nachten slapen, geen probleem.

P1000561.jpg
Het ‘hotel’

Ik maak er meteen één nacht van, want heel erg thuis voel ik mij niet in dit dorp. Wat ik al vreesde, bleek waar te zijn. Ik krijg een kamer in dit grote niet helemaal afgebouwde hotel en ik ben de enige gast. Er komt een tweede slecht geklede oude vrouw bij en even later staan de twee vrouwen in mijn kamer mijn bed op te maken. Ik probeer nog een sleutel van de buitendeur te regelen, maar dat schijnt niet nodig te zijn. Als ik alleen ben in mijn ‘hotel’, draai ik de kraan van de douche open. Duidelijk heeft het water hier al weken niet gestroomd. Het eerste water is niet echt fris, maar tenslotte geniet ik van een aangename douche.

P1000565.jpg
Bij het water: het ‘hotel’

Gelukkig heb ik die middag in Suwałki een warme maaltijd genuttigd in een soort eenvoudige snackbar. Ik geniet op mijn hotelkamer van brood met kaas en worst. Onderweg heb ik er pils bij gekocht. Ik loop nog even door het rare dorp, bekijk de sluis en ga dan weer naar mijn kamer, waar ik mijn laatste pils opdrink voordat ik dan maar ga slapen.

Chleba nie ma!

Ik heb afgesproken de volgende ochtend om 8:00 (“o ósmej”) te ontbijten. Als ik tegen die tijd op zoek ben naar een van de dames, komt er meteen een op me af met een vervelende mededeling: “Przepraszamy. Chleba nie ma! Będziemy zadzwonić”, of zoiets dergelijks. “Sorry, er is geen brood! We moeten opbellen”. Het duurt even, maar dan is er wel brood en ik word uitgenodigd om in de armoedige snackbar naast dit vreemde hotel te komen ontbijten.

De sluis bij Mikaszówka

Het ontbijt is prima in orde, maar ik ben blij mijn spullen snel in te pakken en naar de volgende bestemming te fietsen. Geen rustdag dus. Ik boek een extra nacht in mijn kamer bij het nationale park van de Biebrza, een uitstekende beslissing, blijkt later.

 

Fietsen in Polen
Het echte platteland
Met Patrzyk in de keuken
Fietspad als ontwikkelingsproject
Katholicisme
Mikaszówka
De Poolse taal
De jaren 70

Język polski – de Poolse taal

Toen ik in de jaren 70 naar Polen ging, heb ik de grondslagen van de Poolse taal geleerd. Een kennis smokkelde mij het talenlab van de Universiteit Leiden binnen en daar heb ik een aantal lessen doorgenomen. Later heb ik af en toe zelfs in het Pools gecorrespondeerd.

Moeilijke taal?

Ik heb wel eens beweerd dat Pools even moeilijk is als Grieks en Latijn samen. Maar eigenlijk is dat onzin. Alle talen zijn moeilijk al verschillen de moeilijkheden per taal. Pools heeft, net zoals andere Slavische talen, een vrij gecompliceerde grammatica. Het zelfstandig naamwoord heeft, inclusief de vocativus, zeven naamvallen. Ook het werkwoord heeft zo zijn eigenaardigheden, zoals een dubbele uitvoering van alle werkwoorden: naast de grondvorm (waarmee een nog niet voltooide handeling wordt aangeduid) is er het perfectivum voor voltooide of toekomstige handelingen. Er zijn geen regels om de ene vorm in de andere om te zetten. Er zit niets anders op dan al die dubbele vormen naast elkaar te leren. Maar dat is niet moeilijker dan bijvoorbeeld de meervouden in het Duits (voor elk woord apart te leren) of de honderden sterke werkwoorden in het Noors of het Engels. Werkwoorden in het Pools zijn over het algemeen wel regelmatig.

Puur mannelijke vormen

Pools is geen gender-neutrale taal. Integendeel. Natuurlijk zijn er, net als in het Frans, verschillende vormen voor het bijvoeglijk naamwoord voor mannelijke en vrouwelijke woorden: wielki człowiek (grote man), naast wielka kobieta (grote vrouw). Maar ook de verleden tijd van het werkwoord komt in mannelijke en vrouwelijke varianten: “Ik was” is voor een man “byłem” maar voor een vrouw “byłam”.

Voor het meervoud van woorden die personen aanduiden wordt er  een onderscheid gemaakt tussen groepen waarin zich  (ook) mannen bevinden en groepen waarin zich uitsluitend vrouwen, dieren of dingen bevinden. Alleen de groep met mannen krijgt de mannelijke vorm. Als “zij aten” op zo’n groep met mannen slaat, is het “jedli”: “mężczyźni jedli” (“de mannen aten”). Zijn het vrouwen of dieren, dan wordt de niet-mannelijke vorm “jadły” gebruikt: “dziewczyny jadły…, konie jadły” (“de meisjes aten, de paarden aten”). Er zijn speciale bijvoeglijke naamwoorden en telwoorden voor de groepen met mannen. Het normale telwoord voor “vijf” bijvoorbeeld is pięć: “pięć złych psów, pięć pięknych kobiet” (“vijf slechte honden, vijf mooie vrouwen”), maar voor voor mannen is er een ander woord “pięciu” : “pięciu inteligentnych ministrów” (vijf intelligente ministers). Voor telwoorden wordt het zelfs nog ingewikkelder. Voor gemengde groepen van kinderen of dieren is er een ‘collectieve vorm’: pięć  wordt pięćoro, bijv. “pięćoro studentów”, vijf studenten) als  er mannen en vrouwen tussen zitten. Het getal twee komt in de volgende smaken: mannelijke personen: dwóch męźczyzn of alternatief dwaj męźczyzni (twee mannen); mannelijke dingen: dwa stoły (twee tafels), vrouwelijke woorden: dwie sukienki (twee jurken); man/vrouw-paren: dwoje dzieci (twee kinderen). Maar daarmee zijn we nog niet klaar, want deze telwoorden kunnen nog in allerlei naamvallen gezet worden zodat we ook nog vormen aantreffen zoals dwójki, dwóm, dwoma, dwójką, dwojgiem, dwojce, ….

Het lijdend voorwerp is een hoofdstuk apart. Bij mannen staat het lijdend voorwerp steeds in de tweede naamval, bij mannelijke dingen in de regel in de eerste naamval. Mannelijke dieren gedragen zich in het enkelvoud als man, in het meervoud als dingen. Het woord pomidor (tomaat) wordt verbogen alsof het een dier is. Je moet het maar weten.

“Chrząszcz brzmi w trzcinie Szczebrzeszynie”.

Het Pools heeft geen gebrek aan medeklinkers. Naast de ons bekende medeklinkers zijn er nogal wat voor de Slavische talen karakteristieke klanken, waarvoor extra letters door Cyrillus voor het Russisch aan het oorspronkelijk Griekse alfabet zijn toegevoegd (zoals ц, ш, щ, ж, ч). In het Pools (en meer Slavische talen die het Latijnse alfabet gebruiken) worden de klanken door lettercombinaties en tekentjes boven de letters weergegeven. Zo zijn er sz, cz (vaak ik combinaties met andere letters: psz, wsz, wcz, pcz, szcz, pszcz, etc.), rz (ook als ż geschreven) en de gepalataliseerde (tegen het verhemelte uitgesproken) letters met het accentteken ń, ś, ć, ź. Karakteristiek voor het Pools zijn daarnaast de nasale klinkers ą en ę en bovendien de als vette w uitgesproken ł.

In een Poolse grammatica staat de geruststellende mededeling dat er in het Pools niet meer dan zes medeklinkers achter elkaar voorkomen en geeft daarbij de volgende “tongue twister”: “Chrząszcz brzmi w trzcinie Szczebrzeszynie”.
Nu is een opeenvolging van drie of vier medeklinkers voor veel mensen al afschrikwekkend, maar de truc is om ze langzaam een voor een uit te spreken zonder ervan uit te gaan dat er na elke medeklinker meteen een klinker volgt. Dan is het eigenlijk niet zo moeilijk als het lijkt.

 

Fietsen in Polen
Het echte platteland
Met Patrzyk in de keuken
Fietspad als ontwikkelingsproject
Katholicisme
Mikaszówka
De Poolse taal
De jaren 70

Cycle Route for Regional Development

This is a translation of the original Dutch blog

Cycling in Poland – Why?

P1000270.jpg

Why does anybody get the crazy idea to cycle in Poland? In my case,  it is easy to explain. I had cycled many times in England and Scotland already. It is virtually impossible to take your bicycle in a train to France. Germany is a bit boring and other countries are often too  hot. Poland is easy to reach by train. My only doubt was about the quality and the safety of cycle routes. After doing some internet research, I became convinced that there are plenty of good cycle routes and that safety should not be an issue as long as you do not take the big roads, in Poland the roads with single and double digit numbers.

Cycle Routes

Poland is blessed with a number of interesting long distance cycle routes, such as:

• R1 from Boulogne-sur-Mer in France via The Hague, Münster and Berlin through Poland to Kaliningrad en St. Petersburg (3250 km)
• Eas0st-Europe-route EV11 from North Cape tot Athens, in Poland from the border with Lithuania via Kraków to the Slowakian border.
• EV2, Capitals Route, from Galway in Ireland via England to The Hague, Berlin, continuing through Poland (Poznań, Warszawa and further East) to Minsk and Moscow (5500 km). The Polish part is still being developed.
• EV4, Central Europe Route, from Brittany to Ukraine. In Poland passing through Kraków and Rzeszów.
P1000352.jpg• EV9, Baltic-Adriatic, from Gdańsk via Poznań and Wrocław to Vienna and continuing to Pula.
• EV10, Baltic Sea Route, around the Baltic Sea in Germany, Denmark, Sweden, Finland, Russia, Estonia, Latvia, Lithuania, Kaliningrad and Poland.

This year, I cycled parts of R1.

The East Poland Route: Green Velo. A € 50 million investment with European money

P1000372.jpg
Cycle Track Project for Eastern Poland – province of Warminsko-Mazurskie – realised by the WM province with co-finance from the EU in the framework of the operational development plan for Eastern Poland 2007-2013

In addition to these international routes, there are a number of interesting Polish long distance tracks, such as the cycle routes on both sides of the river Wisła (Nadwiślański szlak rowerowy) and the recently developed Eastern route: Wschodni Szlak rowerowy or Green Velo, een track of more than 2000 km passing through Poland’s Eastern provinces.  My route after Elbląg mainly followed this Green Velo. It is a very beautiful route, mainly through little villages, farm land and forests. The route has been established in the framework of the East Poland Development Pland 2007-2013, heavily subsidised with EU money. The EU has spent some 50 million Euro on it: for adapting 80 bridges,  building 8 new bridges, and many other traffic measures.

Empty cycle paths – empty roads

I had the pleasure to see the interesting result of these investments, such as the construction of safe cycle paths in villages, where they run parallel to existing roads. The paths are almost of Dutch quality, but there is an important difference. The roads are empty and so are the cycle paths. It was the end of May. There may be a bit more cycle traffic during high holiday season, but even during the weekends, despite the gorgeous weather, the cycle path remained empty. During a top day, I saw a total of three cyclists coming from the opposite direction during my 8 hours trip.

P1000648.jpg
Empty cycle path – empty road

This is  hardly surprising. It only shows that, by creating a cycle route you do not necessarily attract cyclists. There is hardly any tourism infrastructure in this part of Poland. If you are not in one of the larger towns, you won’t find any place to drink a cup of coffee or a glass of coke. There are almost no camping places or hotels close to the cycle route. Of course, with some effort you will be able to find an Agroturystyka here and there, but often 10 to 20 km from the Green Velo route.

Miejsce Obsługi Rowerzysty

P1000646.jpg

Some of the technical measures taken to create the cycle path look a bit exaggerated. Is it really necessary to place yellow fences where the path happens to be on a dike that is less than 2 meters high?

Every 10 km you will find a so-called MOR – Miejsce Obsługi Rowerzysty (bicycle service place) – of which one in three is equipped with a toilet.

P1000647.jpg
One of the many empty MORs

They include picknick tables where you can eat your own sandwich and enjoy your own drinks. If have seen tens of these MORs, but only once I saw a cyclist sitting at one of the picknick tables.

The availability of toilets is a great idea, but I have never managed to synchronise my sanitary rhythm with the 30 km distance between the special MORs.

Impossible cycle paths in the forest
Many forest tracks are a lot worse than this one

Some parts of the cycle route have been equipped with all sorts of things that nobody really needs. However there are many parts that are difficult – or even impossible – to cycle. I was cycling in a very dry season (it had not been raining for many consecutive weeks) and especially the sandy cycle paths through the forest were difficult. Sometimes the top layer was just 15 cm of loose sand. Sometimes I cycled through the forest, parallel to the path. Sometimes I just gave up and looked for alternative routes, avoiding the forest.

You may like it or not, but the modern (senior) recreational cyclist has an electric bike. Personally I was glad that this target group had not yet found their way to rural Poland, but if you want to develop cycle tourism, you will have to provide power points for the racing power grannies.

An absurd experience

It was an absurd experience to be able to ride on the result of this 50 million Euro investment: all this completely unnecessary fences, all those abandoned MORs on the one hand and those inaccessible forest paths on the other hand. Not so long ago, there was a socialist regime in Poland that unscrupulously built factories for products for which there was no demand, which than rotted or rusted away in shops that could not sell them. Today Polish and European bureaucrats build cycle routes for which there is no real demand.  In 15 years, the beautiful yellow fences will stand rusted  in the Polish countryside. The MORs will gradually delapidate, unless there will be a development towards real tourism in this part of Poland.

P1000662.jpg

Fietsen in Polen
Het echte platteland
Met Patrzyk in de keuken
Fietspad als ontwikkelingsproject
Katholicisme
Mikaszówka
De Poolse taal
De jaren 70

De jaren 70

Terugblik

Tijdens mij fietstochten moet ik regelmatig aan mijn ervaringen van 40 en 41 (!) jaar geleden denken. In 1977 ben ik met Hanneke van der Tak op verschillende plekken in Polen geweest en een jaar later was ik er met Ton Ceelen.

Dorota

Op 21 juli 1978 zit ik met Ton Ceelen in de trein van Tczew naar Malbork (Marienburg). In mijn dagboekje van toen staat:

“Gdańsk-Makowo via Tczew, Malbork, Iława. Half zeven opgestaan, kwart over zeven de camping verlaten en gelijk in een bijna lege tram kunnen stappen. Door gebrek aan drukte schoot deze veel te snel op, zodat we een uur te vroeg op het station waren. In de restauracja uitstekend ontbeten. In de trein van Tczew naar Malbork ontmoetten we Dorota, haar moeder en haar hond. Zeer goed gesprek in het Duits (ook in het Pools. Mijn Pools werd geprezen) tot aan Iława alwaar ze ons nog op de juiste bus hebben gewezen. Het was toen ca. 12 uur en de bus zou om 13:20 vertrekken. Om de tijd te doden in de derde klas restauratie van Iława gegeten: flaki, boord, worst, ham, bier en bier. De bus vertrok om 13:25. Oud vrouwtje bij de bushalte ontmoet dat erg goed Duits sprak. Uitgestapt en over een bosweg naar de camping gelopen. Tent opgezet. Ansichten geschreven tijdens regenbui. Het bleek geen camping te zijn waar je je kon aanmelden. Betalen is er ook niet bij. Geen voorzieningen, wel een Restauracja en twee winkels. …. …. .”

Meisjes van de camping
Ton met de meisjes van de camping (1978)

Het vervolg van dit verslag vermeldt hoe wij uitgenodigd werden door de meisjes van het hotel, die bij veel sterke drank tenslotte in hun nachtkleren verschenen en met ons op de foto wilden. Ton zat met een zekere Ella te flikflooien en Bożena had het op mij gemunt. Wij hebben ons toch van deze dames los weten te rukken. Ik zelf ontwikkelde in de weken en maanden hierna een intensief contact met Dorota van de trein. Zij is in Leiden geweest en ik heb eind 1979 nog kerst in Gdańsk gevierd. Dorota zocht waarschijnlijk een manier om het land te verlaten en had mij daarvoor nodig. Ik zal het nooit precies weten.

Een kapot land

Als ik veertig jaar later aan deze tijd terugdenk, ontstaat er een gevoel van schaamte. Het is alsof ik nu pas begrijp wat er aan de hand was. Voor Ton en mij, pas afgestudeerde studenten uit Nederland, was Polen een avontuur. Het was een soort tijdreis. Je kon er in stoomtreinen van smerige stad naar smerige stad reizen. Het eten was bijna gratis en je kon onbeperkt bier drinken en thee met taart bestellen. Maar eigenlijk was het natuurlijk diep treurig. Polen was in korte tijd twee keer bezet, twee keer kapot gemaakt. Eerst hebben de Duitsers alles kort en klein geslagen en toen werden de Polen ‘bevrijd’ door de Russen. Weliswaar werden de Duitsers eruit gegooid (en niet weinig hardhandig), maar in plaats daarvan bepaalde Stalin de verdere ontwikkeling van Polen.

Een droevig bezet land

Wij realiseerden ons in 1978 niet dat we op bezoek gingen in een bezet land. Er liepen dan wel geen Russen op straat, maar de vrijheid was sterk in geperkt en er was nauwelijks economische ontwikkeling. Ton en ik reisden in een vervallen vooroorlogs Polen, in kapotte vooroorlogse treinen met vooroorlogse locomotieven. De steden stonken naar slechte steenkool. Lucht en water waren vervuild. De industrie – vooral die in het Zuiden bij Katowice, waar ik met Hanneke nog ben geweest – was totaal verouderd en smerig.

Scheve machtsverhoudingen
Dorota in Gdańsk, december 1979

Ik realiseerde me de scheve machtsverhoudingen in mijn relatie met Poolse meisjes nauwelijks. De relatie met Dorota, ook al kwam elk initiatief toen van haar, was onjuist. Ik had hier nooit aan mogen toegeven en die niet pas moeten beëindigen na wederzijdse bezoeken in Leiden en Gdańsk. Maar ja, dat zag ik toen niet.

Wat een verbetering!

Wat een ander land zie ik 40 jaar later. Sinds de val van de muur, sinds de bevrijding van Polen uit het Oostblok en de opname in de Europese unie is hier vrede en ontwikkeling. Zo veel rust heeft dit land nog nooit gekend. Het is triest dat er zich antidemocratische krachten ontwikkelen in dit land die zich tegen liberalisering en een open samenleving verzetten, maar op de lange termijn zullen die niet winnen, want Polen is deel van de internationale markteconomie geworden en zal dat blijven.

Als ik problemen heb in de communicatie met Polen bij een Agroturystyka, roepen zij de achtjarige zoon van de eigenaar, die mij in keurig Engels te woord staat: “Sorry, my father is in the woods. He will be back in half an hour.” Deze zoon leeft al lang niet meer in het oude Polen. Hij kan niet snel genoeg stemrecht krijgen om een tegenwicht tegen de oude conservatieve generatie te bieden.

 

Fietsen in Polen
Het echte platteland
Met Patrzyk in de keuken
Fietspad als ontwikkelingsproject
Katholicisme
Mikaszówka
De Poolse taal
De jaren 70