De valse waarneming

 

Op donderdag fiets ik met mijn telescoop over mijn schouder langs het golfterrein naar De Strengen, een prachtig stukje natuur bij Warmond. Om meerdere redenen moet ik even weg. Thuis zit Petra op de bank met een  gebroken enkel in het gips. Ik heb huishoudelijke taken overgenomen waarvan ik het bestaan niet vermoedde. Volgens mijn fysiotherapeut is het gevolg daarvan dat ik veel te veel moet bukken waardoor mijn rug- en beenklachten in plaats van te genezen juist erger worden. “Je mag hooguit één keer per dag bukken”, heeft ze me gezegd. “Zie maar waar je die ene ‘buk’ aan spendeert.” Ik moet even het huis uit, even de zware huishoudelijke taken ontvluchten. Laat op de middag besluit ik dan maar een stukje met die zware telescoop te gaan fietsen en lopen. Dat is wel goed voor mijn rug en ik krijg wat buitenlucht in mijn longen.

Ik fiets langs de golfbaan en ga het bruggetje naar de Strengen over. Op de golfbaan en in de sloten zie ik knobbelzwanen, meerkoeten, wilde eenden en krakeenden. Hier en daar laat een roodborst zich enthousiast zien en horen. Ik rijd door naar het hek van de Tengnagel waar ik mijn fiets parkeer. Met de telescoop over mijn schouder loop ik door de ganzen- en schapenstront. Op het rode scheepvaartbaken vlakbij het water zit een grote slechtvalk. Ik kan hem rustig bekijken voordat hij de Zijl overvliegt.

RM2_8567_DxO.jpg
brandganzen

Op de Tengnagel en in het Joppe zie ik de gebruikelijke vogels zoals kokmeeuwen, brandganzen, grauwe ganzen, futen, heel veel meerkoeten en hier en daar een aalscholver.

Ik zet mijn telescoop op en als ik het water afzoek, voel ik iets tegen mijn been aan schuren. Een schaap heeft belangstelling voor mijn broekspijpen. Dan zie ik aan de andere kant, in de Zijl, een duiker. Ik denk meteen aan de ijsduiker die hier de vorige winter heeft gezeten. Ik bekijk hem in de telescoop. Ik twijfel tussen een roodkeelduiker en een ijsduiker. Omdat zijn snavel toch vrij fors lijkt, kies ik voor ‘ijsduiker’, die ik even later via mijn mobieltje aan de website waarneming.nl doorgeef, weliswaar als ‘onzekere’ waarneming. Even is hij vrij dichtbij en duikt weer onder water. Ik wacht tot hij weer boven is, maar hij komt niet meer boven. Zou die verdronken zijn, denk ik nog even.

RM2_8548_DxO.jpg
Aalscholver

Op vrijdag neem ik mijn camera maar mee naar de Tengnagel, want ik moet proberen die duiker te identificeren en een bewijsfoto op de waarneming.nl-website te zetten. Het is voor de eerste week van november uitzonderlijk zacht weer. Nauwelijks wind, een graad of twaalf. Geen zon, geen regen. Ook (afgezien van de gebruikelijke meerkoeten en ganzen) nauwelijks vogels. Even heb ik een mooi puttertje in het vizier, maar verder valt het tegen. Ik besluit de Tengnagel verder af te lopen. Vanaf de punt van de landtong komt een collega-vogelaar mij tegemoet: verrekijker en camera met zware telelens bij zich. De collega stapt gedecideerd op mij af en stelt mij een vraag die als een constatering klinkt: “En bent u dan misschien Reinier de Man?”. Ik schrik hiervan en weet meteen waarom het gaat. Voordat hij iets zegt, schaam ik me al dood: ik heb zonder dat ik over de noodzakelijke informatie beschikte een waarneming van een zeldzame vogel op de website van waarneming.nl geplaatst. De collega kijkt mij streng aan en ik voel me alsof ik op het matje van de bovenmeester wordt geroepen. “Dus u dacht dat u een ijsduiker had gezien?”. Ik hoor minachting en afkeuring in zijn stem.

Een bewoner van de Tengnagel

“Ik heb die vogel gisteren ook heel duidelijk gezien. Het is onmiskenbaar een roodkeelduiker in winterkleed”. Om zijn argument kracht bij te zetten, laat hij een paar opnames op zijn Canon-camera zien: “Ziet u wel, heel duidelijk een roodkeelduiker.” Ik stamel nog: “ik heb hem gisteren wel op waarneming.nl geplaatst, maar uitdrukkelijk als ‘onzeker’, want ik twijfelde zelf ook nog.” Hij kijkt mij autoritair-vriendelijk aan en zegt: “Dat is heel goed dat u dat zo gedaan heeft.” Hij zegt nog dat hij de zaak al had doorgesproken met een bevriende vrouw die hier altijd komt vogelen.

Even later komt de vrouw in kwestie aanlopen en hij stapt meteen op haar af. Ik hoor hem in de verte zeggen: “Daar staat die Reinier de Man. Ik ben hem net tegen het lijf gelopen.” Leuk is het allemaal niet. Ik sta hier al bekend als de producent van schijnwaarnemingen. Ik loop ook naar die vrouw toe en er ontstaat ondanks alles nog een leuk gesprek. De vogelman loopt richting De Strengen en ik trek nog even op met de vogelvrouw. We kijken naar de honderden kramsvogels die in de bomen bij de Zijl zitten. En dan duikt de roodkeelduiker weer op. Hij zit vrijwel midden op het Joppe. Met de telescoop is hij goed te zien.

Het bewijs: roodkeelduiker!

Het lukt mij zelfs om een foto te maken die als bewijs kan dienen voor waarneming.nl. Hij heeft duidelijk een slanke iets naar boven gewipte snavel. Geen ijsduiker dus. Wel een roodkeelduiker. We zien ook nog een dodaarsje en dan houd ik het voor gezien. Als de vogelmevrouw over baardmannetjes begint, zeg ik voorzichtig dat ik nu iets anders ga doen en wens haar nog veel succes en plezier.

Dodaars op het Joppe

Zodra ik thuis ben, corrigeer ik snel mijn waarneming van donderdag op waarneming.nl en voeg er een verse waarneming – nu met foto –   aan toe. Even later blijkt de laatste waarneming goedgekeurd op basis van mijn foto.

 

Het is inmiddels tijd om een bockbiertje te gaan drinken en eten te gaan koken en alles zonder bukken.